|
Boter 4 soufflévormpjes in en bestrooi elk met een lepeltje suiker.
Was de citroen zorgvuldig en droog goed af. Snijd 2 reepjes schil van de
citroen, zet ze op het vuur met de melk. Breng aan de kook. Haal van het
vuur en laat afkoelen.
Rasp de rest van de schil in een kom, voeg er 1 lepel suiker bij en meng.
Zeef de bloem in een kom, voeg de gesuikerde citroenschil bij, de rest van
de suiker, de helft van de boter, die je voordien hebt laten smelten en de
gezeefde melk. Zet op het vuur en onder voortdurend roeren, laat je het 8
minuten koken tot je een creme hebt. Haal van het vuur en voeg de rest van
de boter bij.
Zodra de creme lauw is, voeg je 2 lepels citroensap bij en één voor één de
eierdooiers, die je er goed doorheen roert.
Klop de eiwitten stevig tot sneeuw en voeg ze lepel per lepel bij de
creme. Meng van boven naar beneden, zodat de eiwitten niet neerslaan.
Verdeel het mengsel in gelijke hoeveelheden over de vormpjes en zet ze in
een voorverwarmde oven van 170°C en laat 15 minuten bakken. Verhoog de
temperatuur tot 190°C en laat nog 15 minuten bakken.
Serveer zeer warm.
|